Sinds 2025 geldt er een nieuwe Europese wet voor verpakkingen: de PPWR (Packaging and Packaging Waste Regulation). De PPWR is een Europese verordening die uniforme verpakkingsregels oplegt en rechtstreeks geldt in alle EU-lidstaten. Er is dus geen nationale omzetting nodig. Daarmee komt er een einde aan de versnippering van de verpakkingswetgeving binnen Europa, die was ontstaan doordat elke lidstaat de Europese richtlijn naar eigen regels vertaalde.
De PPWR treedt gefaseerd in werking. De eerste verplichtingen worden van toepassing vanaf 2026, met verdere deadlines in de jaren daarna. De exacte invulling van sommige verplichtingen wordt de komende jaren nog verder uitgewerkt.
Waarschijnlijk wel. De PPWR heeft betrekking op alle verpakkingen die in de EU op de markt worden gebracht - of het nu gaat om de verpakking van je product, de doos waarmee je levert, of de verpakkingsfolie die je gebruikt tijdens transport.
De PPWR geldt ook voor kmo’s, al zijn sommige verplichtingen proportioneel of administratief lichter. Micro-ondernemingen (minder dan 10 werknemers én minder dan 2 miljoen euro omzet) genieten bijvoorbeeld een beperkte vrijstelling op bepaalde administratieve verplichtingen, maar moeten zich wél registreren.
De PPWR maakt een onderscheid tussen verschillende rollen in de verpakkingsketen. De verplichtingen hangen af van de rol die jouw bedrijf opneemt. Producenten dragen de grootste verantwoordelijkheid, terwijl fabrikanten, importeurs en distributeurs vooral instaan voor conformiteit, controle en traceerbaarheid binnen de keten:
De vuistregel: staat je merknaam op de verpakking? Dan ben je in de meeste gevallen de producent, en dus verantwoordelijk voor de naleving van de PPWR. Verkoop je producten in je eigen huismerkverpakking? Dan ben je de producent - omdat jij de verpakking onder jouw naam op de markt brengt, zelfs als iemand anders ze produceert of vult.
De PPWR bevat zeven grote domeinen van verplichtingen. Hieronder een overzicht:
1. Sommige verpakkingen worden verboden
Verpakkingen mogen geen gevaarlijke stoffen bevatten boven de vastgelegde limieten. Dat geldt onder meer voor PFAS, maar ook voor andere stoffen die een risico vormen voor de gezondheid of voor het recyclageproces.
Daarnaast worden bepaalde toepassingen van wegwerpplastics verboden, en zullen verpakkingsvormen die onvoldoende recycleerbaar zijn volgens de toekomstige criteria geleidelijk worden uitgefaseerd.
2. Minder verpakkingsmateriaal
De PPWR legt strengere eisen op rond het minimaliseren van verpakkingen.
De overmaat aan lege ruimte in verzendverpakkingen wordt beperkt. Vanaf 2030 mag maximaal 50% van een verzenddoos leeg zijn.
Daarnaast komen verpakkingsoplossingen zonder duidelijke functionele meerwaarde - zoals valse bodems of puur esthetisch opvulmateriaal - onder druk te staan, zeker in logistieke en e-commercetoepassingen.
3. Hergebruik
De PPWR zet sterk in op hergebruik, maar de doelstellingen verschillen per type verpakking en toepassing. Het gaat dus om gerichte maatregelen afhankelijk van de context.
Daarnaast worden ook maatregelen ingevoerd richting consumenten en retail:
4. Recycleerbaar design
Elke verpakking zal worden beoordeeld op recycleerbaarheid via een D4R-score (Design for Recycling), met categorieën van hoog tot laag recycleerbaar (A–D). Verpakkingen die onvoldoende scoren zullen geleidelijk worden uitgefaseerd richting 2030 en daarna.
Die score beïnvloedt ook hoeveel je betaalt aan het recyclagesysteem (EPR of Extended Producer Responsibility). De exacte methodologie wordt nog verder uitgewerkt via gedelegeerde handelingen van de Europese Commissie.
5. Gerecycleerde grondstoffen
Kunststofverpakkingen moeten een minimum aan gerecycleerd materiaal bevatten:
Alleen post-consumer recyclaat (PCR) – afkomstig van consumentenafval – telt mee.
6. Verplichte labeling
Vanaf 12 augustus 2028 moet elke verpakking een geharmoniseerd Europees label dragen dat aangeeft uit welk materiaal de verpakking bestaat en hoe die correct gesorteerd moet worden.
Voor herbruikbare verpakkingen kunnen bijkomende identificatiemiddelen zoals QR-codes vereist zijn, onder meer om traceerbaarheid, correct gebruik en opvolging van retourstromen te ondersteunen.
7. Biogebaseerde en composteerbare verpakkingen
Er komen specifieke regels voor biogebaseerde en composteerbare materialen. Voor bepaalde toepassingen – zoals stickers op groenten en fruit – wordt composteerbaarheid verplicht tegen 2028, volgens de nog uit te werken Europese criteria.
Hoewel de grote lijnen duidelijk zijn, wordt een belangrijk deel van de PPWR nog verder uitgewerkt. Enkele cruciale elementen zijn vandaag nog in ontwikkeling:
Dit betekent dat bedrijven vandaag al moeten starten, maar tegelijk flexibel moeten blijven in hun aanpak.
12 augustus 2026 – Eerste deadline
12 februari 2027 – Registratieplicht
Je moet geregistreerd zijn als producent in elk EU-land waar je verpakkingen op de markt brengt. In België gebeurt dit via Valipac (B2B) en Fost Plus (B2C).
12 augustus 2028 – Etikettering
1 januari 2030 – Belangrijke mijlpaal
2030 is een belangrijk kantelpunt waarin meerdere kernverplichtingen ingaan, zoals:
Niet alle verplichtingen starten exact op hetzelfde moment, maar 2030 vormt wel de eerste grote deadline. De Europese Commissie overweegt ook versoepelingen voor palletwikkels, spanbanden en verpakkingen die moeilijk herbruikbaar zijn omwille van hygiëne of voedselveiligheid. Verdere uitwerking wordt verwacht in 2026.
Begin op tijd: het opbouwen van een volledig en correct verpakkingsdossier kost in de praktijk meer tijd dan verwacht.
Download onze gratis PPWR-whitepaper en krijg een helder overzicht van:
Download hier de whitepaper of schrijf je meteen in voor ons webinar op donderdag 23 april, waarin we je stap voor stap meenemen door wat je nu al moet doen.
→ Reserveer je plek vandaag nog.
Wil je liever meteen scherp krijgen wat de PPWR betekent voor jouw specifieke situatie?
Plan een vrijblijvend kennismakingsgesprek via mail@pantarein.be. We bekijken samen waar je staat en waar de grootste aandachtspunten zitten.
In een volgend artikel tonen we hoe je deze verplichtingen niet alleen naleeft, maar ook omzet in een concurrentievoordeel.