Lamifil

Lamifil: hoe duurzame inkoop de CO₂-uitstoot met 40% deed dalen

Wie de CO₂-voetafdruk van zijn bedrijf voor het eerst grondig in kaart brengt, stuit vaak op een ontnuchterende vaststelling: het gros van de uitstoot zit niet in de eigen schoorsteen, maar in de toeleveringsketen. Lamifil, fabrikant van kabels, draden en koper- en aluminiumproducten uit Hemiksem, herkende dat patroon – en vertaalde het in actie. Met een gestructureerde aanpak van leveranciersengagement, een inkoopbeleid met duurzaamheidscriteria en een strategische keuze voor laagkoolstofaluminium en gerecycleerd koper daalde de carbon footprint met 40% ten opzichte van het basisjaar 2023.

Onze klant

Lamifil, fabrikant van kabels, draden en koper- & aluminiumproducten uit Hemiksem

De uitdaging

Scope 3-emissies in kaart brengen en vertalen naar een concrete inkoopstrategie en leveranciersbetrokkenheid

De oplossing

Carbon footprintberekening (scope 1, 2 & 3), leveranciersengagement en een duurzaam aankoopkader met focus op de grootste CO₂-hotspots

Van hotspot naar actie

Toen Pantarein in 2023 aan boord kwam bij Lamifil om het CSRD-traject vorm te geven, was CO₂ meteen een van de prioriteiten. Voor de carbon accounting werd een gefaseerde aanpak gekozen. Liesel Boutsen, Climate Lead bij Pantarein: “We startten met de scope 1- en 2-emissies voor 2023 (de directe verbrandingsemissies en de emissies gekoppeld aan de aankoop van elektriciteit, red.). In een volgende fase brachten we voor zowel 2023 als 2024 ook de scope 3-emissies in kaart (de emissies die verbonden zijn aan de volledige waardeketen van het bedrijf, red.). Vandaag vormen alle drie de scopes een vast onderdeel van de jaarlijkse rapportage.”

Omdat metalen smelten veel energie vraagt, speelt aardgas een grote rol in de bedrijfseigen, directe uitstoot. Maar de grootste bijdrage aan de Corporate Carbon Footprint (CCF) van Lamifil – liefst 90% – komt van de aankoop van ruwe metalen, aluminium en koper. Koen Devriendt, ESG & Energy Manager bij Lamifil: “We voelden al enkele jaren dat onze klanten stevige druk leggen om onze scope 3-emissies te reduceren. Het verlagen van de embodied carbon in onze metalen vormde dan ook een van de pijlers van het decarbonisatieplan en het klimaattransitieplan die we samen met Pantarein opstelden.”

Leveranciers als sleutel tot decarbonisatie

Wie zijn carbon footprint wil verlagen, moet zijn leveranciers meenemen, daarvan is Lamifil doordrongen. Duurzaamheid is bij Lamifil ondertussen een vast agendapunt bij aankoopgesprekken met metaalleveranciers, met PCF (Product Carbon Footprint) en EPD (Environmental Product Declaration) en recycled content als standaardvragen.

De voorbije jaren bouwde Lamifil onder meer een constructieve aankooprelatie uit met Alcoa, een Amerikaanse producent van laagkoolstofaluminium met smelterijen in onder andere IJsland. “Alcoa bezorgt ons niet alleen de nodige CO₂-data voor het aluminium dat we vandaag aankopen. Ze geven ons ook inzicht in hun decarbonisatiedoelstellingen richting 2030 en 2050 – essentiële informatie om ook ons eigen net-zero-traject uit te stippelen. Willen wij richting net zero tegen 2050, dan is samenwerking met leveranciers de enige weg”, aldus Devriendt.

Bereidheid is er, data nog niet altijd

Niet elke leveranciersrelatie verloopt even vlot. “Bij koper is het een moeilijker verhaal: de markt vraagt voorlopig minder naar de laagkoolstofvariant, waardoor leveranciers minder snel mee bewegen. Wij moeten in die gevallen zelf op zoek gaan naar emissiefactoren, mails sturen, erachteraan gaan”, stelt Devriendt. “Bovendien zijn de standaard aangeleverde cijfers vaak mass-balance-gebaseerd waardoor recycled content moeilijker certificeerbaar is per levering en de opmaak van low-carbon-EPD’s belemmert. Voor ons in 2025 gelanceerde productgamma met 100% recycled content werd een specifieke samenwerking met een leverancier opgezet, waardoor we daar wel de nodige certificatie kunnen voorleggen.”

Breder geldt: de bereidheid om mee te werken is er bij vrijwel alle leveranciers, maar de kwaliteit van de data varieert sterk. “De beschikbaarheid en nauwkeurigheid van data verschilt enorm tussen kleine en grote bedrijven”, zegt Devriendt. “Grote spelers hebben uitgewerkte EPD’s beschikbaar; kleinere leveranciers werken soms nog met gegevens die de toets van een audit niet altijd doorstaan.” Wanneer leveranciers onvoldoende data kunnen aanleveren, valt Lamifil terug op sectordatabasefactoren of proxies. Bepaalde origines worden actief uitgesloten.

40% reductie, en de lat ligt nog hoger

De CO₂-strategie van Lamifil werpt zijn vruchten af. Koen Devriendt: “Onze strategische keuze voor laagkoolstofaluminium was doorslaggevend om een aantal grote contracten binnen te halen bij hoogspanningsnetbeheerders in binnen- en buitenland. Ook in de aluminium-specialties-markt groeit de vraag naar producten met een lage CO2-voetafdruk sterk.”

Ondertussen heeft Pantarein ook de emissies over het boekjaar 2025 berekend en een analyse van de locked-in emissies uitgevoerd. Die brengt zowel de toekomstige CO₂-uitstoot van Lamifils eigen activa – zoals installaties en productie-equipment – als de emissies verbonden aan het gebruik van verkochte producten gedurende hun volledige levensduur – in kaart. Uit de berekeningen blijkt dat de eerste decarbonisatiehefbomen resultaat opleveren, zegt Liesel Boutsen: “Door de aankoop van duurzamere grondstoffen en het strategisch heralloceren van niet-Europese naar Europese grondstoffen, daalde de CCF van Lamifil met ongeveer 40% ten opzichte van het basisjaar 2023.”

Koen Devriendt: “Aluminium op basis van fossiele brandstoffen wordt nu stelselmatig geweerd uit onze contracten.” De volgende stap is het aandeel laagkoolstofaluminium verder verhogen – ook buiten de vaste raamcontracten – en ook voor koper inzetten op meer gerecyclede content. “Voor koper hangen we echt af van de leveranciers zelf, van hun eigen incentives om gerecycled materiaal in te zetten, en van de marktvraag naar recycled content en de bereidheid ervoor te betalen. Dat kunnen we momenteel moeilijker zelf pushen”, erkent Devriendt.

“Een bedrijf moet zich laten begeleiden door specialisten. Wetgeving verandert voortdurend en is technisch complex – zonder externe expertise is het moeilijk om op de juiste uitdagingen te focussen.”

Koen Devriendt
ESG & Energy Manager bij Lamifil

Vooruitdenken

Om de data-uitwisseling met leveranciers te schalen, denkt Lamifil aan de integratie van een softwaretool. “We weten intussen welke data we moeten verzamelen, maar het jaarlijks opnieuw verzamelen via Excel en mail – dat is op termijn niet houdbaar”, zegt Devriendt. Grote klanten gaan hen daarin voor: sommige hebben al eigen platformen ontwikkeld waarop leveranciers verplicht gegevens moeten ingeven.

Ook de nieuwe productiesite die Lamifil over enkele jaren in Amerika opent, vraagt om vooruitdenken. Devriendt zorgt ervoor dat de projecttrekkers tijdig de nodige CO₂-data verzamelen. “Als we pas zouden nadenken over welke data we nodig hebben op het moment van ingebruikname, zou het te laat zijn.” Op die manier kan Lamifil tijdig inschatten welke CO₂-impact de nieuwe site met zich meebrengt en waar mogelijkheden liggen om die te beperken.

Devriendt besluit: “ESG-wetgeving verandert voortdurend en is technisch complex – zonder externe expertise is het moeilijk om op de juiste uitdagingen te focussen. Het is voor Lamifil een bewuste keuze om zich hierin te laten begeleiden door specialisten."

Van scope 3 een strategische hefboom maken voor jouw bedrijf?

Pantarein helpt je stap voor stap om je scope 3-emissies in kaart te brengen, leveranciers te betrekken en duurzame inkoop te verankeren in je organisatie. Neem vrijblijvend contact op via mail@pantarein.be.